Asbest

Asbest is tot de jaren ‘90 vaak toegepast om zijn gunstige eigenschappen: het is sterk, slijtvast, bestand tegen hoge temperaturen, isolerend en bovendien goedkoop. Sinds juli 1993 zijn de meeste toepassingen van asbest verboden om het risico van blootstelling zoveel mogelijk te beperken.

Gezondheidseffecten

Wanneer het materiaal intact is, bestaat er vrijwel geen gevaar voor de gezondheid. Als het materiaal beschadigd raakt kunnen asbestvezels vrijkomen. Asbestvezels die met het blote oog niet zichtbaar zijn, kunnen diep in de longen doordringen en kunnen de volgende ziektes veroorzaken:

  • Longkanker. Het risico op longkanker door asbest wordt groter als men ook gerookt heeft
  • Longvlies- of buikvlieskanker (mesothelioom)
  • Stoflongen (asbestose)

Wanneer is asbest gevaarlijk voor mijn gezondheid?

Alleen de losse asbestvezels die in de lucht zweven en die u in kunt ademen, zijn schadelijk. Iemand die langdurig veel asbestvezels inademt, kan longkanker of longvlieskanker (mesothelioom) krijgen. Na inademen duurt het meestal tientallen jaren voordat iemand daadwerkelijk ziek wordt. Een eenmalige blootstelling aan veel asbestvezels verhoogt de risico’s niet of nauwelijks.

Er zijn mensen die vanwege hun werk extreem veel vezels hebben ingeademd. Zij kunnen buikvlieskanker of stoflongen door asbest krijgen. Het inademen van veel vezels komt vooral voor in binnenruimtes. In de buitenlucht komen meestal niet langdurig hoge concentraties vezels voor.

Wat kunt u doen?

Het is belangrijk dat er zorgvuldig met asbest wordt omgegaan:

  • Boor, schuur of zaag niet in asbesthoudend materiaal
  • Asbesthoudende vloerbedekking kunt u het beste gewoon laten liggen, behalve als het versleten is of beschadigd
  • Bij beschadiging van asbesthoudend materiaal, moet u maatregelen nemen. Afhankelijk van de situatie betekent dat afdekken, behandelen (impregneren) of professioneel laten verwijderen.
Twee soorten asbest

Asbest komt in twee vormen voor:

  • Hechtgebonden asbest: het asbest is verwerkt in een stevig dragermateriaal, zoals isolatieplaten, golfplaten en ondergrondse gas- en waterleidingen. Als dit materiaal in goede staat is en niet wordt bewerkt of gesloopt, komen er nauwelijks vezels vrij.
  • Niet hecht-gebonden asbest: de vezels zijn niet of nauwelijks aan het dragermateriaal gebonden, zoals onderlagen van bepaalde soorten vloerzeil en spuitasbest. De vezels kunnen dan gemakkelijk in de lucht vrijkomen.